Poems in the Original Language
On the Bloody Theatre of the Anabaptists or Nonresistant Christians
To my brother T. 1. van Braght:
Een Hemelsvyer, van lust en yver, hole de snaren
Van David aen den galm, van een bedroeft accoort:
Wanneer den angst des doodts, uyt Zion, wiert gehoort,
Dat by sijn 's herten rouw, in Psalmen ging verklaren. **
Soo sagh ick 't yver vyer, o Broeder! uyt a varen,
Als gyde Martelaers van 't Nieuw Verbondt bracht
voort:
Self, op die tijdt, wanneer door*** sieckt', het klaeghlijck woort
Tot a quam: 't Schijnt ghy sterft, wilt moeyt' en yver sparen.
Maer hebt, des niettemin, dit bloedigh offer werck,
Met krancke, en swacke been, ten dienste van Gods Kerck,
Door onvermoeyde vlijt, en yver, dus beschreven.
Derhalven, wie gy zijt, die Christum onsen Heer
Wilt volgen, in sijn woort, en Goodelijcke leer;
Wort door dit lesen doch tot ware deught gedreven.
P. van Braght. are come into thine inheritance; thy holy temple they have defiled; they have laid Jerusalem on heaps" (Ps. 79:l ).
"By the rivers of Babylon there we sat down, yea, we wept whenwe remembered Zion. We hung our harps on the willows in the midst thereof" (Ps. 137:1, 2). with a severe sickness, so that to all appearance, it seemed that he would not recover.